Schrijver wordt coach…

… maar blijft uiteraard ook schrijver. Want als mijn verhalen er niet uit kunnen, dan word ik pas echt goed gek. 😉

Sinds zondag staat mijn website Schot in Schrijven online en kan ik officieel als schrijfcoach aan de slag. Het was een hele klus om de teksten voor de site naar tevredenheid te krijgen en de layout kloppend. Gelukkig schreef mijn man de bio en was hij een uitstekend eindredacteur. Ik sta te trappelen om de eerste schrijver te gaan begeleiden met zijn/haar verhaal! Maar ook om schrijfoefening te bedenken en te delen (ineens bestaat de hele wereld uit schrijfoefeningen…), schrijftips te geven, artikelen te schrijven. Helemaal hyper (en happy!) word ik ervan. Binnenkort zet ik een schrijfoefening op Schot in schrijven, waarmee schrijvers kans maken op gratis feedback op een kort verhaal. Heb er zin in!

Op dag twee na de lancering van mijn website, kreeg ik trouwens al een leuke mail over een mogelijke, wat grotere opdracht. Wordt vervolgd.

Hier, op dit blog zal ik mijn eigen schrijfervaringen blijven delen. Wil je op de hoogte blijven van de schrijfcoachingsactiviteiten, volg me dan op twitter (@Schot_Schrijven)

Advertenties

Nieuwe pagina (María)

Zoals de meeste bezoekers waarschijnlijk al wel gezien hebben, heeft deze site er een nieuwe pagina bij: María. Daar is het eerste hoofdstuk van mijn boek-in-wording te downloaden, er is een tekening van de hoofdpersonen María en Noa te zien en er staat een link naar de facebookpagina van ‘María’, waar ik iedereen op de hoogte houd van de laatste schrijf- en uitgeefontwikkelingen. Nu de eerste versie af is, ben ik voorbereidingen aan het treffen om (hopelijk later dit jaar) het boek te publiceren en het plan is om dat met crowdfunding voor elkaar te krijgen. Daarover later meer!

Eindelijk!

Jaaa, daar ben ik weer! Inmiddels vanuit Schotland, waar het geregel nog volop doorgaat en ik nog steeds erg weinig schrijftijd heb. Toch begint mijn creatieve geest langzaam te ontwaken. Dat uit zich in tekenen. Elk leeg stukje papier wordt door mij volgekrabbeld, waarbij de enthousiaste kreten van de kinderen mijn creativiteit alleen maar meer stimuleren. Inmiddels heb ik mijn schrijfboeken- en schriften uit de verhuisdoos geplukt en heb ik zowaar een soort schrijfplan gemaakt. Voor de verhuizing werkte ik vooral aan ‘Bloem‘ en zat ik in een heerlijke schrijfflow. Nu wil ik verder met ‘María‘. Dat manuscript nadert de proefleesfase. Eerst nog een paar puntjes op de i zetten en dan mag het de digitale deur uit. Best weer spannend om het verhaal aan iemand anders te laten lezen. Ik hoop vanavond het manuscript weer eens echt te openen. Zou ik het nog kunnen? Schrijven? 😉

‘Perspectief’ komt eraan

Vorige week kreeg ik leuke mail, erg leuke mail, zelfs! Het was een bericht van mijn uitgever Tobi Vroegh met daarin de omslag van mijn jeugdboek (13+) ‘Perspectief’ dat eind november zal verschijnen. Ook het binnenwerk was in pdf bijgevoegd. Leuk, leuk! Bijna wordt de proefdruk aangevraagd. Om dat te vieren, meteen maar een speciale pagina op mijn blog toegevoegd met daarop de omslag en een fragment uit het boek.

‘Perspectief’ schreef ik ver voor Zinloze vrouw. Best even raar om dat terug te lezen, want uiteraard is mijn schrijfstijl met de jaren veranderd, gegroeid. Toch ben ik blij met dit boek! De personages hebben nog altijd een plek in mijn hoofd en mijn hart en het is fijn dat ‘de wereld’ bijna kennis kan maken met o.a. de twee hoofdpersonages Charlotte (14 jaar) en haar moeder Nienke.

Schrijfpauze (+ fragmenten ‘Bloem’)

Ik heb een schrijfpauze. Niet omdat ik een schrijfdip heb, maar omdat ik superdruk ben met andere leuke dingen en die gaan nu even voor. Leuk, want hele leuke plannen. Niet leuk, want ‘María’ moet af, ‘Bloem’ moet geschreven. Het kriebelt enorm om verder te gaan met schrijven. Met Bloem zit ik ondanks de stop nog steeds zo in een flow, dat zodra ik het verhaal open, de woorden beginnen te stromen. En dat deed ik vandaag. Omdat het verhaal nu bíjna 10.000 woorden telt, trakteer ik jullie op twee fragmentjes:

Fragment 1 (Dolf, de ex van Lara, heeft hun dochter thuisgebracht. Samen eten ze voor hij weer vertrekt):

Ze snuift haar neus, schuift de stoel naar achteren en loopt naar de keuken. Tegen het aanrecht blijft ze staan. Ze zou ook eens kunnen proberen gewoon te doen tegen Dolf. Al is het maar voor Bloem. Aantrekken, afstoten. Die man haalt het bloed onder haar nagels vandaan, tegelijk maakt hij haar gek van opwinding. Volgens mij lijken jullie behoorlijk op elkaar… Hoe komt Bas erbij. Uit de keukenkast haalt ze de glazen waterkan en schenkt hem vol. Vanuit de kamer klinkt de aanstekelijke lach van Bloem. Lara draait de kraan dicht. Lief glimlachen. Voor Bloem. Verleidelijk kijken. Voor Dolf. Goede vrede. Straks Bloem douchen en insmeren met lotion, zodat ze weer naar thuis ruikt. Met de volle kan en twee glazen loopt ze naar de kamer. ‘Nog plannen voor vanavond?’
Dolf kijkt haar strak aan. ‘Niets waar jíj rekening mee hoeft te houden, liefje.’ Zijn stem klinkt zacht, kalm, zelfs lief, maar zijn ogen wijzen haar terecht, zetten haar op haar plek. Natuurlijk, het gaat haar niets aan. Niet meer. En zelfs toen het haar wel aanging, ging het haar niets aan. Dolf is vrij. Altijd geweest. Dat was precies het hele probleem in hun relatie. Nee, ze lijken niet op elkaar. Lara wil juist gebonden zijn, bij iemand horen, alles samendoen. Is dat zo? Wil ze niet alleen dat iemand aan haar gebonden is? De patat is afgekoeld en smaakt naar karton.
‘Mag ik jouwnes?’ vraagt Bloem en pikt een patatje van haar bord. Ze knikt en schuift haar bord naar Bloem.

Fragment 2:

‘Mámá!’
Lara schiet overeind, stoot haar hoofd tegen de bedrand en graait naar het nachtlampje dat naast haar bed hoort te staan. Weg. Dan beseft ze dat ze niet in haar eigen bed ligt, maar bij Bloem, die haar zachte gesnik over laat gaan in hartverscheurend gehuil. Haar hart bonst als een bezetene. ‘Meisje, meisje. Wat is er gebeurd?’
Gehuil zonder woorden.
‘Toe nou, Bloem, niet huilen.’ Ze aait het meisje – dat inmiddels dicht tegen haar aangekropen ligt – over haar rug, haar haren. ‘Sssst… wat is er toch?’ Onrust grijpt zich met tentakels vast aan haar ingewanden en rukt en trekt. Intuïtie, dame. Vrouwelijke intuïtie. Goud waard. Ze had moeten luisteren naar Merel. Naar zichzelf. Moeten kijken naar Bloem. Alziende blind.
‘Dorst.’
‘Wil je wat water? Of zal ik warme melk voor je maken?’
‘Water.’
Lara staat op, loopt naar beneden om een glas water te halen. Als ze terugkomt slaat haar hart twee tikken over, haar adem schiet naar haar keel. Het bed van Bloem is leeg.

Je nachtmerrie komt uit. Bloem. Weg. Eenzaam en alleen zul je achterblijven. Onbegrepen. Vernederd en verlaten door iedereen die je liefhad. Had je ooit wel echt lief? Hoorden ze wel bij de Goeden? Vragen, vragen. Angsten, angsten. Waanzin. Dood. Bloemetje… Bloem. Bloem. Bloemetje…

My way

Anderhalf jaar heb ik braaf aan één manuscript tegelijk gewerkt. In totaal ben ik in die periode wel met drie verschillende verhalen bezig geweest (twee herschrijfrondes voor twee uitgevers en ‘María’), maar altijd na elkaar. (Dit in tegenstelling tot mijn andere schrijfjaren. Dan werkte ik aan twee, soms wel drie manuscripten tegelijk.)

Maar het voelde niet goed. Ik wrong mezelf in een keurslijf, deed iets omdat anderen dat ook doen en het dus wel goed zal zijn. Ik werd er onrustig van en het ontbrak me meer en meer aan focus.

Vorige week werd ik kriegel van het ‘zo hoort het’ idee. Wie bepaalt hoe ik schrijf, wat voor mij het beste werkt? Juist.
Dus vanaf nu werk ik weer aan twee manuscripten tegelijk. ‘María’ en ‘Bloem‘. Een prima combinatie want met ‘María’ zit ik in de laatste herschrijfronde voordat het manuscript naar een proeflezer gaat en ‘Bloem’ zit in de opstartfase.

In plaats van een week zitten tobben over een bepaald stukje in een verhaal, kan ik het nu opzij leggen en verder met het andere verhaal. De personages wonen in mij, zijn er altijd. Ik hoef ze maar op te roepen en ze spreken. Dus bang voor verwarring ben ik niet. Het mooie is dat in mijn onderbewustzijn de verhalen doorgaan. Het kan dus gebeuren dat ik opeens een geweldig idee krijg en verder kan met het verhaal dat opzij geparkeerd stond.

Ik voel me enorm opeglucht door deze beslissing. Vanaf nu doe ik het weer helemaal op mijn manier.

Gelukt!

O jee! Het is weer gelukt hoor.
Al dagenlang hoorde ik een zacht gefluister in mijn hoofd. Vanavond zwol dat aan tot gedrein en nu?
Ja hoor! Een nieuw verhaalidee. En wat voor één. Een heftig, verdrietig verhaal. De titel is er één die mijn man onlangs bedacht, zonder dat ik dus een verhaalidee had.

Toch parkeer ik het nieuwe verhaal opzij om het een half jaar te laten mopperen en sudderen. Eerst moet ‘María’ af!