Schrijven – kinderboek

Ik schrijf. Nee, niet alleen maar boodschappenlijstjes en sinterklaasgedichten. Ik schrijf aan een boek. Een kinderboek. Ik ben er ruim een half jaar geleden mee begonnen toen ik een aankondiging van een schrijfwedstrijd voor uitgeverij Ploegsma zag. De opdracht was het begin van een spannend kinderboek (9+) te schrijven waar mogelijk een serie van gemaakt kon worden. Een detective, moest het worden.

Mijn verhaal behoorde niet tot de winnende verhalen, wel kwam het in de top 25, de jury schreef erover: ‘Boeit zeker, maar eerder een dystopian verhaal dan detective. Minder geschikt voor serie.’

Inmiddels staat de teller op bijna 10.000 woorden. Nee, ik schrijf niet snel, want heb het druk met coachen en redigeren. En met mijn gezin, uiteraard. Maar mijn gezin moedigt me aan door te schrijven zodat ik ’s avonds na het eten wat voor te lezen heb over Storm en Lenthe.

En de jury had gelijk: een detective wordt het niet. Een serie ook niet. Nee, het wordt ook niet voor 9+ maar eerder voor 12+. Spannend wordt het. Beklemmend spannend.

Fragmentje:

Normaal heeft ze de muesli in een paar happen weggewerkt, deze morgen plakt het aan haar gehemelte en schuurt het als schuurpapier in haar keel voor het haar slokdarm in glijdt naar haar maag, waar het als een zware homp blijft liggen. Ze schuift haar bakje aan de kant.
‘Jij nog wat gehoord?’ vraagt mama die de keuken binnenkomt in haar badjas en met ongekamde haren gaat prutsen bij de koffie.

Advertenties

Slikken en doorgaan (+fragment ‘Lander’)

Helaas. Geen Vlaams Filmpje voor mij. En heel eerlijk? Ja, ik moest best even heel hard slikken. Oké, nog eerlijker? Er kwamen ook even een paar traantjes. Ik wist dat er sterke concurrentie was, ik weet natuurlijk ook dat ik nog niet zo gek lang schrijf (ruim twee jaar nu) en heus, ik besef ook wel dat ik niet tot de top behoor. En toch, en toch was ik na hard werken over het verhaal van Lander erg tevreden.
Er waren al verschillende proeflezers overheen gegaan en ik bleef ermee worstelen. Totdat mijn man het verhaal las en het genadeloos fileerde. Auw! Dat deed pijn! Maar uiteindelijk kwam zijn feedback het verhaal ten goede. Ik wist eindelijk precies waar de schoen wrong en ik maakte het verhaal beter, af. Naar mijn idee, tenminste.

Nu moet ik gaan nadenken over wat ik met Lander wil doen. Het is een kort verhaal, zo kort dat een gewone uitgever het waarschijnlijk niet zal accepteren. Ga ik het zelf uitgeven? En hoe? Als e-book (botst met de doelgroep) of als papieren boek (duurder). Zal ik er een magisch verhaal bij schrijven en de verhalen samen naar een uitgever sturen? Publiceer ik het gewoon hier, op mijn blog? Ik weet het even niet.

Verhaal in het kort:
Het verhaal begint als Lander zijn oma gaat belt om te vragen of hij langs mag komen. Zijn oma krijgt hij niet aan de telefoon, wel een onbekende man. Onbekend? Of iemand die hij eigenlijk wel heel goed kent?
Dit is het begin van een bizar verhaal. Heeft Lander de macht om een gebeurtenis in de toekomst terug te draaien en daarmee het leven van zijn oma te redden?

Fragment:
Na een vreemd telefoongesprek voelt Lander zich ziek worden. Zijn moeder stuurt hem naar bed.
Lander trekt een dikke pyjama aan en kruipt diep onder de deken in de hoop het wat warmer te krijgen.
Hij is zich er nauwelijks van bewust dat zijn moeder even later bij hem komt. Vaag vangt hij wat gemompelde woorden van haar op ‘dokter bellen’ en ‘hartstikke ziek’. De deur die dicht gaat, veroorzaakt een onaangename tocht. Rillend kruipt hij dieper onder de deken. Zijn hoofd bonkt, het is alsof iemand met schuurpapier zijn keel aan het bewerken is en zijn ogen voelen loodzwaar en branderig. Half wakker, half slapend heeft hij koortsachtige dromen waarin hij verandert in een volwassen man met een baard die steeds langer wordt, totdat hij eruit ziet als Sinterklaas, maar dan met een spijkerbroek aan in plaats van een mantel. Als in een stripverhaal plopt de Sinterklaas-achtige Lander weg en zit hij weer aan de telefoon met de andere Lander Lowe, maar nog voor hij iets kan zeggen, schudt zijn moeder hem wakker.
“Lander, even wakker worden, jongen. De dokter wil je onderzoeken,” fluistert ze in zijn oor. Het volgende moment trekt iemand behoorlijk ruw de deken van hem af. Lander wil schreeuwen dat hij het koud heeft, maar er komt niet meer dan een zielig piepgeluidje uit zijn keel.
“Rustig maar, mannetje.”
Lander kijkt op naar zijn moeder, maar haar gezicht is niet meer dan een bleke maan. Snel sluit hij zijn ogen weer, de felle lamp doet zijn hoofd nog harder bonken. Zijn pyjama wordt omhoog getrokken.
“Auw!”
Een onverwacht koude metalen knop tegen zijn borst.
“Nu even rustig inademen,” zegt de kalme stem van de huisarts. “Goed zo, en nu weer uit. Herhaal dat maar een paar keer.”
Terwijl hij ingestopt wordt, glijdt hij alweer weg in een onrustige slaap.

 

Een jaar geleden…

… zat ik na te genieten van de boekpresentatie van ‘Mijn oma is een engel’. Na publicaties van enkele korte verhalen, columns en een sonnet, wat dit toch wel mijn echte debuut, een heus kinderboek voor kinderen vanaf negen jaar. Het gaat – voor wie dat nog niet weet – over Jasper die zijn oma Josine aan borstkanker verliest. Zijn gevoelens, die variëren van boosheid, verdriet en onbegrip, staan centraal in dit boek. Het is natuurlijk geen gezellig leesboek, maar de reacties die ik van mijn lezers (jong en oud) krijg zijn overweldigend! Ontroerend is het telkens weer om te horen dat mensen geraakt zijn, moeten huilen om iets wat ík geschreven heb.

Waar ik erg blij om ben, is dat het boek een paar weken geleden een stuk goedkoper is geworden. Van bijna 16 euro is het afgeprijsd naar bijna 10 euro. Het mooiste zou natuurlijk zijn als kinderen het boek niet nodig hebben, omdat ze niet zoiets vreselijks hebben meegemaakt als Jasper. Maar ik hoop dat het door de prijsverlaging nog beter bij de (helaas best wel grote) groep terecht komt die wel een grootouder of andere dierbare aan (borst)kanker heeft verloren.

Klik op de linkjes als je wil meegenieten van de boekpresentatie en de foto’s!